Spelregels

Spelregels Padel

Bij padel moet de bal over het net op de speelhelft van de tegenspelers gespeeld worden.

De bal moet eerst botsen op de grond voor hij één van de wanden raakt.

Het doel is om de tegenspelers te beletten de bal terug te slaan. Spelers mogen de bal onmiddellijk met volley spelen of na de bots spelen. Na de bots mag de bal eerst om het even welke wand raken alvorens hij wordt teruggespeeld. De speler mag ook met behulp van de wand (niet de metalen structuur) de bal terugspelen naar de andere speelhelft. De puntentelling is zoals in tennis.


De opslag gebeurt altijd onderhands nadat men de bal één keer laat botsen achter de servicelijn. De bal moet steeds lager dan heuphoogte geraakt worden en moet zoals bij tennis steeds diagonaal gespeeld worden. De serveerder moet met één voet op de grond blijven staan. Die voet mag hierbij de servicelijn niet overschrijden of raken. De bal moet rechtstreeks landen in het servicevlak van de tegenspelers en mag daarna de metalen structuur niet raken, het glas wel. Net zoals bij tennis krijgt men 2 pogingen. Als de bal bij een opslag het net raakt en daarna in het servicevlak van de tegenspelers landt zonder de metalen structuur te raken voor de tweede bots, geldt dit niet als een poging, maar wordt de opslag opnieuw gespeeld. De ontvanger mag kiezen of hij de bal terugspeelt voor of nadat deze eventueel de zij- of achterwand raakt. Na de opslag zijn de lijnen van geen belang meer.


Veel speelplezier!